• Meenteweg 2
  • 9626 BH Schildwolde

Tips om meer te halen uit uw Kalveropfok

Benut de biestperiode optimaal

Kalveren worden geboren zonder weerstand en hebben biest nodig voordat ze in contact komen met bacteriën en virussen. Dit betekent dat het kalf in een schone omgeving moet worden geboren en zo snel mogelijk na de geboorte biest moet krijgen. 
De eerste biest, binnen 1 uur na de geboorte gemolken bevat de meeste antistoffen.
Biest van goede kwaliteit is de beste verzekering tegen diarree en longontsteking, de 2 belangrijkste oorzaken van kalversterfte na 24 uur. 
Op veel bedrijven kan het biestmanagement nog verbeterd worden. Er zijn een aantal praktische oplossingen om de opname van antistoffen de maximaliseren en het kalf zijn eigen afweersysteem vlot op te starten.

Gebruik een emmer

met een deksel om verontreiniging te voorkomen.
zorg voor een goed werkende koelkast in de kalverstal
en flessen of zakken om biest in te bewaren in de koelkast 
Wist u dat er op kamertemperatuur binnen 20 minuten een verdubbeling van het aantal bacteriën plaatsvind
markeer de flessen of zakken
met de nummers van moeder en kalf. Probeer kalveren alleen biest van hun eigen moeder te geven, dit om paratuberculose onder controle te krijgen. Zorg voor een noodvoorraad (gepastueriseerde) biest van koeien die paratuberculose onverdacht zijn.

Verwarm biest

tot lichaamstemperatuur. Biestkwaliteit is te verbeteren door het droge koeien management optimaal te maken en een stressvrije kalverlijn op te zetten. Biestkwaliteit is eenvoudig te meten met een colostrometer, indien de kwaliteit onvoldoende is kunt u ingevroren (gepasteuriseerde) biest gebruiken .De pasgekalfde koe kan het best meteen na kalven worden gemolken, Geeft de koe 1 - 2 emmers lauwwarm water te drinken (eventueel met een startpoedertje erin) en leg het kalf voor de koe op een schoon stuk stro, de koe kan nu gemolken worden terwijl 
ze haar kalf droog likt en het kalf ligt schoon. Denk aan uw eigen veiligheid en zet de koe bij voorkeur vast.
U krijgt nu waarschijnlijk meer biest en minder koeien die aan de nageboorte blijven staan.
Is de koe gemolken en heeft het kalf biest gehad, dan kunt u het kalf weghalen en de koe aanmoedigen om ruwvoer te gaan eten. Is het kalf op schoon hooi/kuil gelegd, dan zal ze dit waarschijnlijk vlot opnemen als het kalf weg is.
Meteen weer eten na kalven zorgt voor minder risico op slepende melkziekte en lebmaagverplaatsing.

Wees niet zuinig met voeding en stro

Melk de koe meteen na kalven uit, minimaal 6 liter. 
Geef het kalf zo snel mogelijk na de geboorte (maar zeker binnen 4 uur) 2,5-3 liter biest (afhankelijk van grootte kalf). Geef binnen 12 uur na de geboorte nog eens 2 liter biest, nog steeds van de 1ste melking. Geef de 2de dag 2 x 2,5 liter van de 2de melking 
Voor nog beter resultaat: voer kalveren de eerste weken 3 x daags. Ga vanaf de 3de dag over op (kunst)melk en denk eraan dat adviezen op de kunstmelk verpakking vaak wat aan de lage kant zijn! 
Kijk kritisch na uw kalveren of laat ze door ons beoordelen, zijn ze schraal, dan krijgen ze onvoldoende voeding binnen. Redenen kunnen zijn: te weinig liters, concentratie kunstmelk te laag, instelling drinkmelkautomaat niet in orde.

Een warm, droog en schoon strobed is van groot beland. Idealiter worden kalveren op stro gehouden of hebben ze toegang tot een strobedding tot en met 6 maanden leeftijd. Pas vanaf 7 maanden produceert hun interne verwarming (de pens) voldoende energie om het dier warm te houden. 
Hygiëne van de kalverstal is makkelijk te testen, doe een knieval op het stro en kijk of uw broek/overall nat wordt, dan is het kalf dus ook nat. Meer droog stro is dan nodig. Kalveren in nat stro gebruiken hun energie om warm te blijven (zeker in de winter, maar ook in de andere seizoenen) en zijn veel gevoeliger voor ziektes zoals diarree en longontsteking.

Voorkom de dip na spenen

Stress na spenen kan verminderd worden door veranderingen in kleine stapjes door te voeren. 
Vroeg beginnen (eerste levensweek) met aanbieden van water, ruwvoer en brok om pensontwikkeling te stimuleren. Houdt de dieren in kleine groepen met weinig verschil in leeftijd.
Geleidelijk spenen en tijdens spenen en vlak daarna (2 weken) geen andere veranderingen doorvoeren wat betreft huisvesting en voeding. 
Extra groei voor spenen levert extra melkgift op tijdens de eerste lactatie.