• Meenteweg 2
  • 9626 BH Schildwolde

Mestonderzoek op wormeieren bij het paard

Mestonderzoek op wormeieren bij het paard

Het wordt de laatste jaren steeds duidelijker dat het niet altijd nodig is om paarden op zeer regelmatige basis te ontwormen. Natuurlijk is dit afhankelijk van vele factoren waaronder de leeftijd van het paard, beweiding, mestverwijdering uit de weide, afwisselende beweiding met herkauwers en de individuele gevoeligheid en immuunstatus van het paard. Uit het voorgaande blijkt al dat advies met betrekking tot het ontwormen maatwerk is. Per adres/bedrijf en per groep paarden of individueel paard is het mogelijk om een goed advies te geven om al dan niet te ontwormen en zo ja met welk middel. Hierbij gelden een aantal algemeenheden:

 

  • jonge paarden zijn gevoeliger voor worminfecties dan oudere (wat met jong wordt bedoeld volgt beneden)
  • hoe groter de groep en hoe intensiever beweid, hoe groter de wormbelasting.
  • 2 x per week mest verwijderen uit het weiland veminderd de wormbelasting enorm, dit geldt ook voor tussentijds laten begrazen door herkauwers (eten de wormeieren op, maar worden er niet ziek van)
  • gezondheidsstatus van het paard (heel jong en heel oud; beide minder weerstand)
  • frequentie van ontwormen in het verleden (te vaak ontwormen baat niet, maar schaadt wel)
  • juiste dosering van het middel
  • juiste middel ( wormen hebben een individuele gevoeligheid voor verschillende middelen)
  • Als u deze algemeenheden leest dan zal het duidelijk zijn dat voor een goed advies er voldoende informatie over het bedrijf en het paard of paarden bij ons bekend moet zijn om een goed advies ten aanzien van het ontwormen te geven. U kunt ons deze informatie aanleveren door het formulier onderaan de pagina te openen, in te vullen en bij ons in te leveren/mailen tezamen met het mestmonster.


Waarom mestonderzoek

Mestonderzoek en ontwormen zijn van belang om de besmetting van uw weiland laag te houden. Voorheen werden paarden vaak standaard een aantal keren per jaar ontwormd. Uit onderzoek is gebleken dat het aantal ontwormingen bij paarden in veel gevallen drastisch omlaag kan. Dit kan, omdat heel veel volwassen paarden geen of zeer weinig wormeieren uitscheiden. Paarden bouwen vanaf hun jeugd een zekere weerstand op tegen wormen, vandaar dat we bij jonge dieren vaak nog hoge uitscheiding vinden en vaker moeten ontwormen en bij volwassen dieren veel minder. De opbouw van weerstand en de eiuitscheiding is afhankelijk van vele factoren en is nogal individueel bepaald. Vandaar dat we, als we beginnen met wormonderzoek op een bedrijf, dit het eerste jaar graag 3 x doen gedurende de periode maart t/m augustus. Dan hebben we een goed beeld en kunnen we het volgende jaar 2 x mestonderzoek doen en eventueel zal het kunnen naar `1 x per jaar.
Dit alles is afhankelijk van het bedrijf, aantal paarden, leeftijden, beweiding, enz. Bij grote bedrijven kan er gewerkt worden met mengmonsters tot 10 paarden per monster, mits er rekening gehouden wordt met de leeftijdscategorieën.

Bij dieren die op zand staan is het soms goed om ook op zand in de mest te controleren, geef door op wat voor ondergrond je paard loopt!

Waarom willen we minder ontwormen?

Minder ontwormen is absoluut noodzakelijk, omdat er maar een beperkt aantal werkzame stoffen tegen wormen bij paarden verkrijgbaar zijn. Er zijn wel heel veel verschillende merken wormmiddelen, maar als u kijkt naar de werkzame stof, dan ziet u dat de meeste daarvan dezelfde werkzame stof bevatten en dan is het dus hetzelfde middel, ook al heeft het een andere naam. Kijkt u dus in het vervolg goed naar de werkzame stof, deze moet altijd op de verpakking en/of bijsluiter worden vermeld.
Van de weinige werkzame stoffen die verkrijgbaar zijn, wordt de laatste jaren steeds vaker een verminderde werkzaamheid vastgesteld. Dit is een zorgelijke ontwikkeling, omdat het niet waarschijnlijk is dat er de komende jaren veel nieuwe ontwormmiddelen zullen worden ontwikkeld. We moeten het dus doen met de middelen die nu op de markt zijn en die dus al minder werken tegen een aantal wormsoorten. Iedere keer als wormen bloot staan aan een ontwormmiddel, dan wordt er onbewust geselecteerd op resistente wormen, immers de minst gevoelige wormen voor het gebruikte middel zullen overleven en de volgende generatie produceren die dan een stukje minder gevoelig is. Dit kan in een aantal jaren tot volledige ongevoeligheid van de wormpopulatie voor een bepaald middel leiden. Om dit proces zo traag mogeljik te laten verlopen is het belangrijk om gericht te ontwormen, dus alleen als het nodig is, met het juiste middel in de juiste dosering. Ontwormen is er in eerste instantie op gericht om de weilandbesmetting zo laag mogelijk te houden en zoals eerder al te lezen was, is dit ook voor een groot deel te bereiken met andere maatregelen, zoals mest verwijderen, laten begrazen door schapen, maaien, enz.

Leeftijdscategorieen

Wat betreft de leeftijd werken we met een aantal categorieen; 0-1 jaar, 1-4 jaar, 4 jaar en ouder (volwassen paarden)
Jonge dieren zijn het meest gevoelig voor worminfecties, hebben nog nauwelijks weerstand tegen wormen en scheiden de meeste wormeieren uit. Het is het best om de mest van jonge paarden individueel te beoordelen. heeft u echter veel paarden dan is een mengmonster natuurlijk mogelijk, mits u zich goed aan de leeftijdscatergorieen houdt. Ook oudere paarden (boven 18 jaar) kunnen weer meer eieren uit gaan scheiden in verband met verminderde weerstand.

Wanneer mestonderzoek

Mestonderzoek kan het hele jaar door worden gedaan, echter in de periode van september t/m februari zullen er geen betrouwbare eitellingen op de rode bloedworm kunnen worden gedaan. De larven van deze worm gaan in augustus-september in een ruststadium in de darmwand zitten, worden pas in december-januari weer wakker, ontwikkelen zich dan tot volwassen wormen en gaan weer eieren uitscheiden. Dus voor de rode bloedworm (meest voorkomend bij volwassen paarden) mest inleveren vanaf februari.
Is er een zware besmetting dan kan het paard wel degelijk klachten ontwikkelen in de periode van sept t/m febr. Wanneer er dan onderzoek moet worden gedaan is het belangrijk om het mestonderzoek te combineren met bloedonderzoek, daarin kunnen we een wormbesmetting herkennen door verhoging van een bepaalde eiwitfractie. Aan de eiwitfractie kunnen we niet zien door welke worm het veroorzaakt wordt, dus combinatie met mestonderzoek is dan verstandig.

ERP= egg reappearance period (=periode waarin na ontwomen geen eieren worden uitgescheiden)
Wanneer een paard ontwormd wordt, dan scheidt hij/zij een bepaade tijd geen eieren uit. Binnen deze periode is het niet zinvol om mestonderzoek te doen, behalve wanneer u het vermoeden heeft dat het middel niet goed werkt. Dan is het zinvol om vlak voor ontwormen en 14 dagen na ontwormen mestonderzoek te doen.
De periode dat een paard geen eieren uitscheidt verschilt per middel. Er zijn veel merken wormmiddel op de markt, echter er zijn maar 3 groepen werkzame stoffen. Veel verschillende merken bevatten dus dezelfde werkzame stof. Op de verpakking/bijsluiter staat altijd de werkzame stof(fen) vermeld.
Hierbij gelden de volgende periodes voor het niet uitscheiden van eieren na ontwomen:

  • fenbendazole/pyranel: 6 weken
  • ivermectine (met of zonder praziquantel): 8 weken
  • moxidectine (met of zonder praziquantel); 12 weken

Met name oudere paarden zullen gedurende langere tijd dan hierboven aangegeven staat geen eieren uitscheiden na ontwormen. Bij ontwormen met moxidectine kan dit wel 5-6 maanden zijn. Houdt u hier rekening mee bij het aanbieden van mestmonsters, oveleg eventueel met ons wat zinvol is.

Individuele monsters

Dit betekent dat u de mest per dier aanlevert. Daarbij geldt dat 3-5 mestballen voldoende is, liever niet meer, want we hebben maar 3 gram nodig voor het onderzoek. We willen echter wel die 3 gram een beetje verspreid over de mest pakken, dus 1 mestballetje is wat weinig. Ook doen we onderzoek op zand in de mest als dat nodig is en dan is een paar mestballen betrouwbaarder.

Mengmonsters

U mag monsters van maximaal 10 paarden inleveren. Hier komt dan 1 uitslag uit en dat is een gemiddelde van de wormeiuitscheiding van de 10 paarden. Deze uitslag is het meest betrouwbaar als het mengmonster mest bevat van paarden uit eenzelfde leeftijdsgroep.

Heeft u bv een groep van 6 paarden ouder dan 3 jaar en 2 jaarlingen, lever dan de mest van de 6 oudere paarden aan als mengmonster en de mest van de 2 jaarlingen als mengmonster of individueel.
Een mengmonster bevat van elk paard een hoeveelheid mest, dus van alle paarden 2-3 mestballen appart in een zakje per paard. lever de monsters individueel in met het verzoek aan ons om er een mengmonster van te maken.

Uitslag

U krijgt van ons bericht zodra het monster onderzocht is. Meestal is dat op de dag dat u het monster inlevert, soms lukt dat niet en zullen we het de volgende dag onderzoeken. Een mestmonster mag tot 3 dagen nadat het genomen in de koelkast worden bewaard, dus onderzoek 1 dag later, mits koel bewaard beïnvloed de uitslag niet. Tezamen met de uitslag krijgt u een advies wel of niet ontwormen en indien er naar gekeken is of er zand is gevonden en zo ja hoeveel. Het advies om te ontwormen is mede afhankelijk van het aantal paarden, de beweiding, wel of niet mest verwijderen, enz. Vult u alstublieft het formulier in bij het aanleveren van het mestmonster, want dit is erg belangrijk voor het advies om wel of niet te ontwormen en met welk middel. Met name bij grote bedrijven met veel veulens en jaarlingen is het belangrijk om alle informatie te hebben en dan over het jaar heen een advies te geven, zodat niet elke paar maanden steeds weer alle informatie moet worden opgevraagd.